020 3052 980  
  • EN
  • NL

De mededelingsplicht van een professionele partij over de planologische bestemming van het gehuurde

Hoge Raad 27 november 2015

ECLI:NL:HR:2015:3424

Inbev is een grote wereldwijd opererende bierbrouwer. Bierbrouwers kopen en huren horeca-lokaties om zich, door (onder)verhuur aan een horeca-exploitant, te verzekeren van afzet van hun dranken. Inbev huurde in Nijmegen horecaruimte die eerst door een onderhuurder als als Gauchos restaurant, daarna als lounge-café en vervolgens als discotheek. Een opvolgende onderhuurder wilde er een Italiaans restaurant beginnen, maar toen hij wilde verbouwen bleek dat gebruik in strijd met de bestemming te zijn. Er kon wel vrijstelling van het bestemmingsplan worden verleend (en dat gebeurde uiteindelijk ook) maar dat was een kostbare en langdurige procedure. De onderhuurder vorderde ontbinding van de overeenkomst wegens dwaling, en schadevergoeding.

De kantonrechter wees de vordering van de onderhuurder af, maar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vond dat Inbev als professionele partij de onderhuurder had moeten wijzen op de mogelijke problemen met het bestemmingsplan en had moeten begrijpen dat de onderhuurder zou hebben afgezien van het sluiten van de huurovereenkomst als hij van die problemen op de hoogte was geweest.

Inbev stelt cassatieberoep in. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof. “Dat Inbev een “grote professionele speler op de Nederlandse horecamarkt en hoofdhuurder van het bedrijfspand” is, brengt op zich zelf niet mee dat zij geacht wordt op de hoogte te zijn van de precieze bestemming van het pand en de mogelijke problemen die deze bestemming kan opleveren als een verbouwing nodig zou zijn in het bedrijfspand, en dat zij daarom [verweerder] daarover behoorde te informeren… In zijn algemeenheid mag een huurder van bedrijfsruimte niet ervan uitgaan dat met het oog op zijn belang door de professionele verhuurder bij de gemeente is nagegaan of eventuele verbouwingsplannen mogelijk problemen in verband met het bestemmingsplan opleveren.

Inbev had in deze dus geen mededelingsplicht, te meer, omdat in de algemene verhuurvoorwaarden ook was opgenomen dat de huurder zelf moet onderzoeken of het gehuurde geschikt is voor de bestemming.

Edmond de Meijer (edm@bdmadvocaten.nl)

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2015:3424

24 februari 2016